Toekomst van het verleden

Door: Marlies Aanhaanen - 07 maart 2017

De Leidse singelring is de grootste stedelijke verdedigingsgordel van Europa waarvan de structuur nog duidelijk zichtbaar is. De hele ring van verdedigingsgrachten om de historische binnenstad is nog intact. Met de aanleg van het Singelpark wordt het unieke historische karakter van de Leidse singels versterkt en uitgelicht.

 

Nieuwe functies op oude wallen

Leiden is voor het jaar 1000 ontstaan uit een kleine verzameling boerderijen langs de Rijn, aan de oude Romeinse heerweg, tevens grens. De nadruk lag op het punt waar je dankzij een eiland in de rivier, Waardeiland ter hoogte van de huidige Burcht, makkelijker over kon steken. Pas rond 1200 kan je spreken van een stadje waaromheen sloten ter verdediging gegraven zijn: het huidige Rapenburg. Naarmate de stad telkens uit zijn jas groeide waren grotere ringen van singels nodig.

Na de Spaanse belegering van 1574 werd de stad nog een laatste keer sterk uitgebreid. Toen ontstonden de huidige buitensingels in 1659. Dat is de ring van het Singelpark.

 

Nieuwe functies buiten de stad

Overigens werd de stad pas in de loop van 19e eeuw buiten de singels uitgebouwd. Daartoe moest Leiden grond kopen van Leiderdorp, Oegstgeest en Voorschoten.

Vanaf de 19e eeuw ook verschenen voor die tijd typerende nieuwe functies op de oude wallen: begraafplaatsen, stadsparken, fabrieken, plus ruimte voor de universiteit, het garnizoen en stadsvilla’s. De stadsmuren, muurtorens en poorten werden vrijwel allemaal gesloopt. Twee poorten en een muurtoren zijn bewaard gebleven: de Zijlpoort, Morspoort en waltoren Oostenrijk. Zonder dat daarbij de karakteristieke stervormige structuur van de vestingwallen werd aangetast. Maar de combinatie van erfgoed uit verschillende perioden binnen de context van een 14e tot 17e-eeuwse verdedigingsstructuur geeft de Leidse singelring extra meerwaarde.

 

Wandelen door de geschiedenis van de stad

In het Singelpark loop je letterlijk door verschillende periodes in de geschiedenis van de stad, van middeleeuwen tot heden. Dat maakt het park extra bijzonder. Erkenning van deze gelaagdheid is dan ook een belangrijk uitgangspunt geworden in de plannen voor het park. Als je bij het station begint, dan loop je -met de klok mee- naar steeds oudere singeldelen. Begin je echter vanaf hier -tegen de klok in- dan loop je van oud naar nieuw.

 

De vestingstructuur

De Leidse singels hebben een duidelijke basisstructuur van een verdedigingsgordel. Aan de binnenkant de binnenvestgrachten. Dan de muren of wallen, met daarin stadspoorten. Oorspronkelijk had Leiden een stadsmuur met muurtorens helemaal rondom. In de eeuw na Leidens Ontzet (1574-1659) werd Leiden sterk uitgebreid aan de zuidoost-, oost- en noordzijde. Vandaar dat je aan die kant van de stad brede, hoge stadswallen (bolwerken) kunt vinden.

Vervolgens de vestinggracht of vest, een ongeveer vijftien meter breed water. Deze wordt vaak ten onrechte de singel genoemd.

 

Singelpad

De eigenlijke singel is de weg die om de stad loopt, niet het water. Het water wordt dan singelgracht genoemd.  De singel omsingelt de stad en werd veel gebruikt om te wandelen (flaneren). Paard en wagen mochten er ook niet komen. Met daarachter weer een singelsloot.

De Leidse singelring heeft altijd een groen karakter gehad. Buiten de singels begon het platteland en de wallen zelf waren met gras begroeid. Bijzonder: het stadsbestuur maakte destijds van de vestingwallen al een groene zone. Het bestuur liet sinds 1592 aan de singel buiten de vestinggracht een dubbele rij bomen planten, met daartussen het singelpad (de singel). Deze bomen dienden ter versiering, voor de recreatie en voor de gezondheid van de stadsbewoners. Een behoorlijk modern klinkende motivatie!

 

Leiden in het bos

De singel om de stad werd dan ook een belangrijke wandelroute. Het stadsbestuur plaatste zelfs bankjes voor de vermoeide wandelaar. Het groene uiterlijk van Leiden viel buitenlandse bezoekers op. De Engelsman William Aglionby (1669) vroeg zich zelfs af of “Leyden was in a wood, or [a] Wood in Leyden.” Dit groene karakter werd pas minder vanaf de jaren twintig van de twintigste eeuw. De bijl ging in de buitenste bomenrij en het singelpad. Het zand van het singelpad maakte plaats voor asfalt ten behoeve van het autoverkeer. De bedoeling is dat in het Singelpark de dubbele bomenrij aan de buitenzijde van de singelgracht waar mogelijk weer in ere wordt hersteld.